Logo Universiteit Utrecht

UP Natuurkunde

Hoe ziet het practicum eruit?

Het UP Natuurkunde bestaat uit een groot aantal verschillende experimenten, welke elk ongeveer anderhalf uur duurt. De docent kan zelf bepalen hoeveel experimenten de leerlingen moeten doen. Doorgaans doen alle leerlingen één experiment.

Het practicum begint klassikaal met een presentatie, waarbij er een algemene uitleg gegeven wordt over experimenteel onderzoek. Daarna gaan de leerlingen zelf aan de slag met hun eigen proeven. Tijdens het practicum is er een (student-) assistent aanwezig, hij of zij zal de proeven begeleiden. Daarnaast wordt er verwacht dat de docent ook de leerlingen helpt tijdens het practicum. Op de practicumzaal zijn verschillende opstellingen aanwezig, leerlingen kunnen hierdoor een experiment kiezen wat aansluit bij hun interesses. Bij experimenten wordt er gemeten met de computer, informatie hierover is te vinden op de website (zie: meten met de computer). Voor elk experiment is een practicumhandleiding geschreven, deze worden door de leerlingen gebruikt om de proef uit te voeren. Hier onder staat meer informatie over de handleiding.

Practicumhandleiding

De practicumhandleiding bij elk van de experimenten heeft steeds dezelfde opbouw: inleiding, theorie, meetopstelling, onderzoeksvragen en werkplan, metingen en rapportage. Dit is de gebruikelijk manier van natuurkundig onderzoek, waardoor de ervaring van de leerlingen zo veel mogelijk lijkt op hoe onderzoek gedaan wordt op de universiteit. De leerlingen moeten hun onderzoeksvragen en werkplan laten goedkeuren door de aanwezige (student-) assistent of de docent, dit staat ook duidelijk aangegeven in de handleiding.

De eerste twee onderdelen van de practicumhandleiding – inleiding en theorie – kunnen de leerlingen op school/thuis aan werken als voorbereiding. De volgende drie onderdelen –  meetopstelling, onderzoeksvragen en werkplan en metingen – kunnen alleen uitgevoerd worden tijdens het practicum. Het laatste onderdeel, de rapportage, kan op school/thuis gedaan worden. De docent kan zelf kiezen in welke vorm de leerlingen over hun experiment moeten rapporteren (verslag, presentatie of iets anders).

Alle experimenten en de bijbehorende handleidingen staan op de website. Een overzicht van de experimenten kan hier gevonden worden. Op de pagina van de proef kan de handleiding van de proef gevonden worden.